De rol van de school in de educatieve minor

De educatieve minor is een van de maatregelen uit de Kwaliteitsagenda voor het opleiden van leraren 2008-2011: Krachtig Meesterschap, een kwaliteitsagenda voor de lerarenopleiding (OCW, 2008). De educatieve minor heeft tot doel een bijdrage te leveren aan het verminderen van het kwalitatieve en kwantitatieve lerarentekort en meer academici te interesseren voor een baan in het onderwijs. Met de educatieve minor verwerft de afgestudeerde bachelor die de minor met goed gevolg heeft doorlopen een smalle tweedegraads onderwijsbevoegdheid, dat wil zeggen dat hij of zij onderwijs mag verzorgen in het vmbo-tl en de eerste drie leerjaren van havo en vwo. Dit biedt een goede uitgangspositie voor het aansluitend volgen van een traject gericht op een eerstegraads bevoegdheid voor het voorbereidend hoger onderwijs.

 

Bij aanvang van de educatieve minor waren vakorganisaties nog niet overtuigd dat een vakbacheloropleiding die een educatieve minor van 30 ects omvat, voldoende basis biedt voor de vereiste startbekwaamheid. Daarbij komt dat voor scholen onzeker is tot wanneer zij stagevergoeding kunnen ontvangen en de hoogte daarvan.

 

Het ministerie van OCW heeft daarom met VSNU en de VO-raad afspraken gemaakt over monitoring en evaluatie van het traject1. In opdracht van de VO-raad beschrijven we in dit rapport welke rol de school heeft binnen de educatieve minor en welke investering de begeleiding van de educatieve minor studenten vraagt.

Contactpersonen


Ditte Lockhorst

Ditte Lockhorst

Onderzoeker-adviseur


030-2324 233
Mail Ditte
MEER INFO >

Sanne Weijers

Sanne Weijers

Onderzoeker-adviseur


030-2324 231
Mail Sanne
MEER INFO >